
Al 2.600 jaar geleden hebben de Grieken in de Provence de eerste wijnstokken geplant. Sindsdien heeft de Provence zich langzaam ontwikkeld tot een vermaard wijngebied. Sinds 1977 is de herkomstbenaming Côtes de Provence geïntroduceerd en heeft de Provençaalse wijnbouw in kwalitatieve zin een spectaculaire ontwikkeling doorgemaakt.
Wijnen met slechts één druivenras komen in de Provence bijna niet voor, in de meeste gebieden zijn ze niet toegestaan. Voor bijna alle wijnen moet de wijnmaker werken met meerdere druivenrassen. Daardoor is een grote diversiteit aan smaken ontstaan en is de wijn tevens het visitekaartje van de wijnmaker. Hij 'componeert' immers het uiteindelijke resultaat.
Het karakter van de wijnen met als herkomstbenaming Côtes de Provence wordt tevens bepaald door de in dit gebied talrijke bodemsoorten en microklimaten. Châteaux met percelen van leisteen en graniet, met zand en klei, met kiezel en kalk, terwijl ook de ligging van de wijngaarden, dicht bij de Middelandse zee of meer landinwaarts van invloed is op de smaak en het karakter van de wijn. Hierdoor ontstaan boeiende, steeds weer verassende wijnen. De Provence bezit voor de wijndruif een ideaal klimaat. Veel zon, zachte winters en warme zomers, met voldoende regen in lente en herfst.
Kortom in de Provence worden kwaliteitswijnen gemaakt. Wijnen waarvan met name de rode zich kunnen meten met de betere wijnen uit de Bordeaux of Bourgogne. Terwijl zij veel gunstiger zijn geprijsd. De kwaliteit van de rosé's staat in zijn algemeenheid nog steeds op eenzame hoogte. Ook worden inmiddels witte wijnen van topkwaliteit geproduceerd. |